Een aantal jaren geleden, terwijl ik op een mooie herfstdag langs de oever van de Ambleve aan het wandelen was, vond ik een zwarte steen in het water die eruit zag als een zittende vrouwenfiguur. Het was eigenlijk frappant dat mijn oog juist op haar viel tussen honderden andere stenen van ongeveer dezelfde kleur en grootte. Het toeval wilde dat er zich vlakbij een bron bevond met een stenen boog erboven waarin een nisje zat. Het nisje was leeg en leek mij een zeer geschikte plek om mijn zwarte godinnenbeeldje, want zo zag ik haar, in te huisvesten. De bronnymf kon tevreden zijn! Toch vertrok ik met enige spijt in mijn hart. Had ik haar niet beter meegenomen en thuis een mooi plekje gegeven? Een jaar later echter zat ze daar nog altijd, uitkijkend over de oever van de Ambleve en ik vond dat ze daar goed zat. Het verbaasde me eigenlijk wel dat blijkbaar een ieder die hier passeerde haar gerust liet. Inmiddels was ze wel wat lichter van kleur geworden en begon zich een laagje mos te vormen aan haar voeten maar ze was nog altijd mooi.
Opnieuw een jaar later besloot ik plots van het ene op het andere moment dat het tijd was haar te gaan halen, haar letterlijk en figuurlijk een plaats in mijn leven te geven. Als ze er nog was tenminste....Zo niet dan was ze vast en zeker meegenomen door iemand die hetzelfde in haar zag als ik en dan was het goed, besloot ik. Maar ze was er nog. Inmiddels heeft ze hier bij mij een speciaal plekje en voelt ze zich hier al goed thuis. Twee jaar lang heeft ze onder de vleugelen van de bronnymf gestaan, gezegend door de kracht van deze prachtige ongerepte plek in de natuur. Ze voelt dan ook enorm krachtig aan als ik haar in mijn handen neem. Voor mij vormt ze inmiddels het ankerpunt voor mijn contact met de Moeder, de Moeder in mij, de Moeder buiten mij. De twee zijn onlosmakelijk verbonden.
Door de eeuwen heen en doorheen alle culturen van de wereld vinden we opvallende gelijkenissen in de mythen van de Moedergodin. Steeds weer echter worden haar meer specifieke kwaliteiten bepaald door de cultuur die haar voortbrengt. Maar veruit de belangrijkste parallel tussen de meeste verhalen blijft toch de verbinding van de Moeder met de cyclische processen van de natuur, groei, bloei, afsterven en verval. Eigenlijk is het een vrij algemeen gegeven dat zij wordt gezien als de belichaming daarvan, de Moedergodin en de Aarde zijn een. Het is dan ook merkwaardig dat in onze Christelijke cultuur Maria allerlei kwaliteiten van de oude moedergodinnen heeft overgenomen maar niet hun verbinding met de natuurlijke wereld en haar cycli. Koningin van de Hemel wordt ze genoemd maar niet Koningin van de Aarde. Zij is geen Godin maar bemiddelt voor ons bij de Godheid. De rechtstreekse communicatie met het Goddelijke is hiermee verdwenen.
Als je dit bijv. vergelijkt met Isis, Moedergodin van het oude Egypte van wie veel kwaliteiten op de Maria zijn overgegaan, dan kun je zeggen dat Isis niet alleen Koningin van Hemel en Aarde is maar ook en vooral een vrouw van vlees en bloed. Zij is iemand die hartstochtelijk bemint en onder zeer moeilijke omstandigheden voor haar kind moet zorgen, beroofd als ze is van haar echtgenoot Osiris.
Ze is een alleenstaande moeder die weet wat het is om te moeten vechten voor haar bestaan. De mythe schildert Isis af als een vrouw waarmee we ons, ondanks haar godinnenkwaliteiten kunnen identificeren. Je zou kunnen zeggen dat in Isis aarde- en hemelkracht evenredig vertegenwoordigd zijn. Door Maria haar aardekwaliteiten te ontnemen heeft de Kerk ook seksualiteit en religie losgekoppeld.
Je zou kunnen zeggen dat de Zwarte Madonna een overgangsfase vertegenwoordigt tussen enerzijds Isis en andere oude Moedergodinnen en de Mariafiguur zoals wij haar kennen. Dat betekent dat de Zwarte Madonna haar aardeverbinding dus nog heeft, haar basis kracht, haar seksualiteit. Het beeld van Maria met kind is waarschijnlijk zelfs een letterlijke overname van Isis met haar zoon Horus. Op veel afbeeldingen zie je Isis afgebeeld terwijl ze haar zoon de borst geeft. Ook zijn er Zwarte Madonnabeelden die hun kind de borst geven, zoals die van Halle bijvoorbeeld. Wat veel mensen niet weten is dat Isis zelfs hier tot in deze streken vereerd werd tot het midden van de 3e eeuw. Een overgang van haar beeltenis (zwart is de kleur die met Isis en haar cultus wordt geassocieerd) naar het beeld van de Zwarte Madonna lijkt dan ook een logisch verklaarbare stap.
Er is veel gespeculeerd waar de kleur zwart van de Zwarte Madonna nu eigenlijk vandaan komt en naast het zwart van Isis vind ik een van de meest plausibele verklaringen de associatie met het zwart van de nacht en daarmee met de fasen van de maan en daarmee ook met de cycli van de natuur en de cyclus van de vrouw. Kortom een Mariafiguur waarin seksualiteit en religie nog verbonden zijn. Het is voor mijn gevoel dan ook niet vreemd dat de Zwarte Madonna overal ter wereld waar ze nog te vinden is zo'n enorme verering geniet want onbewust zit in elk mens het besef dat religie en seksualiteit/vruchtbaarheid een eenheid vormen. Zelf associeer ik het zwart van de Zwarte Madonna hierdoor ook met het zwart van vruchtbare aarde, met de Aardegodin die het leven geeft en weer terugneemt. Maar ook met het zwart van de peilloze diepte van het water waarin ooit het leven begon. Of met de duisternis van grotten en spelonken waar de Aardespirit bijna tastbaar aanwezig kan zijn. Of met de donkere diepte van een vrouwenlichaam waarin op prachtige wijze aarde -en hemelkracht zich verbinden en nieuw leven doen ontstaan. Het moge duidelijk zijn dat de Zwarte Madonna Aarde is, en de kroon die ze draagt geeft haar hemelverbinding aan. Zij is de Mariafiguur die net als Isis koningin van Hemel en Aarde is.
Maar misschien kunnen we het zwart waarin zeker ook het aspect zit van wijsheid tevens associëren met de duisternis van strijd en pijn die onlosmakelijk verbonden zijn met de menselijke staat. Zoals bijv. Isis de ‘duister nacht van de ziel’ kent, als de mens door de diepst denkbare strijd heen gaat en erdoor gelouterd wordt. Zo bekeken zou je kunnen zeggen dat de Zwarte Madonna een zuivere weergave is van alle aspecten van ons menselijk bestaan, dat ze onze Heelheid vertegenwoordigt. Haar invloed is nooit weg geweest, hoe de Kerk ook haar best heeft gedaan. Er zijn talrijke voorbeelden van Zwarte Madonna's die zijn overgeschilderd en in een schoon kleedje gestoken maar op een onbewust niveau laten we ons blijkbaar niet voor de gek houden. De kracht van de Zwarte Moeder is zo groot, zij vertegenwoordigt zo zuiver onze wezenskern, dat we zelfs onder haar aller schoonste kleedjes en poppengezichtjes haar ‘zwartheid’ zijn blijven voelen en vereren. Het is dan ook niet zomaar dat ze in deze tijd weer een steeds grotere belangstelling geniet want individueel en collectief groeien we steeds meer toe naar het omarmen van onze Heelheid, en daarmee ook naar het omarmen van ons duistere aspect, onze schaduw.
Het is pas als we de duisternis kunnen liefhebben, de strijd en pijn die met ons leven zijn verbonden, dat we in de volle glorie van ons eigen licht zullen kunnen leven. De geheelde mens beseft dat zijn moeilijkheden het fundament vormen voor een gelukkig leven, hij heeft zijn illusies laten varen en neemt ten volle verantwoording voor de ‘hoogten’ en ‘laagten’ van zijn eigen wezen. Zou het niet juist daarom zijn dat het beeld van een Zwarte Madonna ons zo diep kan raken, omdat zij ons herinnert aan onze Heelheid? Zelf ervaar ik een enorme ontroering als ik haar ‘ontmoet’ omdat ze me het gevoel geeft dat we beide uit dezelfde Bron afkomstig zijn. Zij vermenselijkt het Goddelijke en geeft mij het gevoel dat alle kanten van mijn wezen okay zijn.
Ik begrijp nu pas, als ik naar mijn eigen proces kijk, dat ik het beeldje van de Moedergodin uit de Ambleve twee jaar geleden nog niet kon omarmen. Eigenlijk was ik haar totaal vergeten maar haar kracht borrelt in ons allen steeds sterker omhoog tot we haar bewust kunnen accepteren en liefhebben. Met haar in mijn huis te halen heb ik haar beeltenis in het huis van mijn ziel mogen erkennen en omarmen. Ik begrijp nu op een diep niveau dat zij mij alle lagen van mijn menszijn spiegelt. De Godin buiten mij en in mij zijn een. “Moeder het is in de Duisternis van Uw Wezen dat ik mijn eigen Licht heb mogen aanschouwen....”
Marije Broersen
2005